Grote koffer, aan de kant! Dank u

Hoi. Let maar niet op mij. Dat kleine meisje met die hele hele grote koffer. Ja, gaat u maar voor, ik wacht wel. Ja, sorry, ik weet het, mijn koffer is groot. Oké, bedankt dat ik nu ook in de lift mag stappen. Ik moet ook met de trein, ziet u.

Ja, fijn, gelukkig, de trein is er nog. Hallo, wat fijn dat ik ook even in de trein mag stappen, heel erg fijn zelfs. Oh, ik moet zelf de deur even open doen? Geeft niet, mijn handen zijn toch bezet.

Mag ik er eventjes bij? Dank u. Ja ziet u, hij heeft wel wieltjes, mijn koffer, maar door het gangpad kan ik ‘m niet rijden. Hij is nogal breed, ziet u, mijn koffer. Dus daarom til ik ‘m. Ja, ja hij is best zwaar ja. Geeft niet, ik ben ‘t wel gewend.

Oh, hier ga ik wel zitten. Bij het raam. Ik zet mijn koffer wel naast me neer, hoor. Ja sorry, nu neem ik een extra stoel in. Da’s niet de bedoeling hoor. Maar ziet u, deze koffer kan ik echt echt écht niet op het bagagerek tillen. Ik ben nogal klein, ziet u.

Nee, u kunt beter niet naast me zitten. Daar staat mijn koffer. Oh, u wilt het toch? Tuurlijk, ik schuif wel op. Natuurlijk moet mijn koffer volledig aan MIJN kant staan en heeft u alle vrijheid, dat is natuurlijk logisch. Ja hoor, ik frommel m’n benen wel daar ergens. Wauw, ik wist niet dat mijn benen zich in die hoek konden draaien. Maakt u zich geen zorgen, ik zit goed.

Nee meneer, u hoeft mijn koffer niet op het bagagerek te leggen. Nee echt, het is prima zo. Oh u bent bang dat hij in de weg staat, omdat ik niet bij het raam kon zitten en mijn koffer dus half in het gangpad staat. Ja, daar heeft u een punt. Oh u heeft mijn koffer al in het bagagerek gezet. Dank u. Haalt u hem er ook even weer uit? Nee? Oh…

Hallo, ja, mag ik even? Ik moet de trein uit. Ja, dank u. Oh, maar 15 treden met de trap. Dat til ik wel. Ja, sorry, ik moet er even bij. Klein meisje met grote koffer, aan de kant! Zo, beneden. Nu weer even lekker die wieltjes gebruiken. Oeps, ik ben alweer bij de volgende trap. Tillen dat ding, tillen! Ja, sorry mensen, ik weet het, ik loop een beetje in de weg. Het is ook wel zwaar, zo’n koffer. Maar ik ben boven. Bedankt voor de geïrriteerde blikken, die hielpen enorm. Erg fijn, dank u.

Een tagdingetje over deze blog + meta #2

Ja, een tag. Lekker makkelijk ja. Maar kijk, ik vond dit wel handig om onder het kopje ‘over mij en deze blog’ (of hoe dat kopje ook heet wanneer je dit leest) te plaatsen. En omdat ik hoop dat iemand het überhaupt leest (daar doe je ‘t stiekem ook een beetje voor) wordt ‘t ook een apart artikeltje. Wel aangepast, want sommige vragen waren stom. Oh, en iemand was zo slim om te noemen dat dit eigenlijk gewoon meta is. Bloggen over bloggen. Dus eh, dit was meteen perongeluk mijn tweede metablog. Ik ben d’r lekker bij zeg.

  • Waarom ben je met je blog begonnen?

Ik ben een blog begonnen omdat ik eigenlijk gewoon een plek zocht om te schrijven. Ik studeer dan wel journalistiek, maar een opdracht om over een bepaald onderwerp te schrijven is toch anders. Hier bepaal ik zélf wat ik schrijf en wat op deze blog komt te staan. Deze blog gaat gewoon over mij, over wat ik leuk vind en wat ik doe.

  • Hoe kom je aan de naam van je blog?

Da’s een goeie. En ‘k heb eigenlijk geen idee. Elise has a blog. Ja, Elise heeft een blog. Ik geloof dat ik erover zat te denken in het Engels te bloggen (waarom in godsnaam weet ik ook niet meer) en gewoon alle opties open wilde houden. Elise has a blog, dus. Vind ‘t overigens een ontiegelijke kutnaam dus hij zal binnenkort nog wel veranderen denk ik (suggesties, anyone?)

  • Hoeveel bezoekers heb je ongeveer?

Ja deze vraag vind ik nogal stom eigenlijk. Who the hell cares? Op dit moment zegt mijn sitemeter(.com) (want wordpress kan geen bezoekers tellen, alleen views. STOM) dat ik 37 bezoekers gemiddeld heb per dag. Maar soms is dat een stukkie meer en soms een stukkie minder. Dus aan die info had je niet zo veel he?

  • Wie werken er mee aan je blog?

Niemand. Dit is MIJN blog, als je iets van iemand anders wil lezen moet je maar naar diegene’s blog gaan. Dit is geen steek onder water voor blogs waar meerdere mensen voor schrijven, maar ik wil dit gewoon niet.

  • Wat is het leukste dat je hebt meegemaakt door je blog?

Mensen ontmoet, en mensen gáán ontmoeten! Efteling, 10 juni, woohoo! En dat mensen in reallife naar me toekomen en zeggen hoe leuk ze mijn blog of een artikeltje daarvan vonden. Daar word ik echt blij van! Of reacties zoals “Elise, whát the FUQ stond er op jouw blog man!?”. Kijk, da’s nou leuk.

  • Hoeveel comments krijg je gemiddeld per artikel?

Ehm. Goeie vraag. Variërend van helemaal niks (ja hallo ik ben ook ooit begonnen met niks hoor) tot ehm, 15? 18? En elke reactie is me even lief! :D

  • Met wat voor camera maak je foto’s voor je artikelen?

Mijn Benq Full HD camera [waarschuwing: link leidt naar héél oud artikel], wat eigenlijk een filmcamera is. En soms ook met m’n telefoon (Samsung Galaxy Ace), als ik de camera niet bij me heb.

  • Waar haal je inspiratie voor nieuwe artikelen vandaan?

 Ik kom gewoon wat tegen en dan rollen de letters onder m’n vingers vandaan. Of ik bedenk me iets, zomaar, en typ ‘t uit. Ja sorry, dat was ‘t gewoon.

  • Krijg je wel eens negatieve comments?

Nee, dus jullie zijn allemaal ontzettend lief. En als jullie zo lief blijven hoef ik ook niet gemeen terug te bitchen.

  • Plaats je elke dag een nieuw artikel?

Neuj. Dat kan ik helemaal niet joh. Inspiratie komt en gaat. En het komt nogal eens voor dat de inspiratie even weg is. Sja, schrijven is ook maar een creatieve bezigheid, en creativiteit is niet vanzelfsprekend.

  • Wat voor layout heb je en heb je deze zelf gemaakt?

 WordPressthema ‘Forever’ door ‘Automattic’. Achtergrond van Google geplukt (diefje dat ik ben, foei).

  • Hoelang doe je gemiddeld over een artikel?

 Hier deed ik denk ik een kwartiertje over, of iets meer. Of minder. Meestal doe ik er niet zo lang over, kan me niet herinneren dat ik echt uren bezig ben geweest. Maar goed, ik hoef ook niet veel uit te zoeken voor een artikeltje. Soms wel wat, maar Google is mijn beste vriend en we begrijpen mekaar behoorlijk goed, meestal.

Dingen om te doen als je examens hebt

Na mijn beroemde artikel over dingen die je kan doen onder douche stroomden de aanvragen voor een vervolg binnen (ongeveer dan). Omdat vervolgen over het algemeen slechter zijn dan het eerste deel, doe ik het lekker toch. Toepasselijk rond deze tijd (voor de middelbare scholiertjes, en jongens jongens dat zijn d’r nogal wat) ga ik je – op aanvraag – vertellen wat je allemaal kan doen als voorbereiding bij je examens.

* Dit liedje luisteren voor aardrijkskunde. Niet dat je er echt wat aan hebt tijdens je examen, maar het is zeker een nuttige bezigheid om het volledige nummer uit je hoofd te kennen. En ‘t is heerlijke afleiding. (Waarschuwing: je krijgt ‘m niet meer uit je hoofd. Gewoon niet. Geloof me.)

* Leren je neus zo zacht mogelijk te snuiten, zodat je niemand stoort op het moment suprême. Of leer de vuiligheid in je neus op te sparen tot er ná.

* Leren zo hard mogelijk je neus te snuiten. Gewoon, voor als je snel klaar bent en je je verveelt.

* Leer luchtgitaar/luchtdrums/lucht-whatever spelen. Gewoon, voor als je snel klaar bent en je je verveelt.

* Niet stressen. Da’s gewoon niet cool. Dus hou op met stressen. Oke? Gewoon stoppen, klaar. Als je nu een voldoende staat (dan wel een 6+, geen 5,5) haal je het waarschijnlijk toch wel. En zo niet, dan haal je het niet. Dus stressen is niet nodig. Kijk maar:


* Oefenen om te kunnen inzoomen met je ogen. Beste spiektip ever. En als het je lukt, leer het mij.

* Drink veel koffie/enerydrink. Slapen kun je van de spanning toch niet meer.

* Doe dit NIET anderhalf uur voor je examen begint, als je graag je ondergoed droog houdt tenminste.

* Staar in een lamp. Als je veel licht binnenkrijgt kun je ‘s nachts beter slapen. Of zoiets. Laat me weten of dit heeft gewerkt. En misschien is het dan handig om die koffie/energydrink even te laten staan. Of juist niet, misschien geeft dat wel een gaaf effect.

* Je examens leren. Na al deze tips zou je bijna vergeten waar je het ook al weer voor deed.

Ja nou kijk, wat ik dus wilde zeggen

Ja nee kijk, ik was echt heel druk en zo. Want ik moest echt heel veel doen voor school. En bijpraten met vrienden, da’s echt belangrijk hoor. En Harry Potter 7.1 had ik al weer een hele poos niet gelezen en ik had nóg meer vrienden waarmee ik moest bijpraten. En en en! Ik moest werken, nou poeh hallóó da’s hard werken hoor. Schoonmaken wordt onderschat, ik zeg ‘t je. En ehm, folders doen ook, da’s zwaar hoor echt echt écht. En toen had ik ‘s avonds óók nog feest! Ja nou ja zo sociaal als ik ben moest ik wel gaan natuurlijk. En nou ja dan wordt ‘t laat enzo. En ik MOEST ook nog echt naar Walibi. Ja echt. Nou was heel leuk en dus ook heel druk en zo dus. Weet je wel hoe lááát je dan thuis bent. En de McDonald’s dan, da’s toch ook iets wat je moet bijhouden. En ja nou volgend weekend moet ik zingen dus dat moet ik helemaal oefenen en joh da’s me veel werk man, je zult ‘t niet geloven.

En ik had geen inspiratie, dat ook.

Van die lekker onlogische perronnummers

Ik stond in een boekwinkel, en sja, dan lees je wel eens wat. Zo kom je nog eens achter leuke feitjes, en ik ga d’r vandaag eentje met jullie delen. Namelijk het volgende: waarom de perronnummers soms zo vreselijk onlogisch zijn.

Voor als je het niet wist: op sommige stations – vooral grote – is het nogal een potje wat perronnummers betreft. Hier in Zwolle hebben we perron 1 t/m 7 en vervolgens nog ergens 14 en 15. Ofzoiets. En in Nijmegen hebben ze een bundeltje getallen, dan een poosje niks, en dan out of the blue ineens spoor 35. HUH!?

Let de volgende keer als je op het station bent maar eens op als die vrouw weer omroept welke treinen vertraging hebben (treinen hebben váák vertraging, dus de kans dat je haar hoort is vrij groot). Want wat zegt ze? “De trein van zoveel uur zoveel naar Huppelkutterveen vertrekt van spoor 3″. Gezien? Nee? Spoor 3. Niet perron 3, nee: spoor.

De sporen zijn genummerd, niet de perrons. Als je wel eens uit je raampje naar buiten hebt gekeken, heb je gezien dat er een hele bult spoor ligt. Veel meer spoor dan dat er perrons zijn. Die sporen zijn genummerd, en die nummers zijn aangegeven bij de perrons.

Vandaar dus dat ineens zomaar een veel hoger spoornummer uit de lucht komt vallen. Dan hebben ze blijkbaar (voorbeeldje van station Zwolle) spoor 8 t/m 13 weggemoffeld (met wissels, dus) tussen de andere sporen. Tadaaa, weer wat geleerd!

Nog niet genoeg van de omroepstem van de NS? Hieronder een interview met Tuffie Vos (want zo heet ze, wéér wat geleerd!) door Carlo en Irene.

Zingende opa’s en altijd weer die pet

Omdat een lang sfeerverslag over wat ik allemaal wel niet gedaan heb tijdens het bevrijdingsfestival in Zwolle erg saai is om te lezen (vind ik), zal ik proberen kort en bondig te vertellen hoe leuk ‘t wel niet was. Klaar? GO!

Erwin Nyhof was hét liedje aan ‘t zingen toen wij ‘t festivalterrein op kwamen lopen (The River van Bruce Springsteen dus hè). En dat deed ‘ie goed, natuurlijk. Mét kinderorkest (wat misschien niet leuk klinkt als ik ‘t zo zeg, maar wel erg mooi/leuk/goed was). Het was rond kwart over 11, er waren nog niet zo veel mensen, de sfeer was lekker en ik had al een paar uur koppijn. Hieronder een filmpje van een klein stukje wat ik wél kon uploaden. In ‘t echt flikkerde die schermen niet, dat je ‘t even weet.

Alain Clark heeft natuurlijk heel veel nummers waar je vrolijk bij me kunt zingen, dus dat deden we massaal (massaal ja, want er was intussen al meer publiek). Hij doet ‘t ook nog eens goed hoor, live. En hij had z’n petje op natuurlijk. Alain kan niet zonder petje.

Krystl is best wel heul erg goed in ‘t echt. Dat had ik niet verwacht van die meid. Rond die tijd was ‘t zo’n 3 uur, heel erg druk en mijn hoofdpijn was tot ‘n maximum bereikt. We zaten dan ook gelukkig buiten het grote publiek, in ‘t gras, van ‘n afstandje haar te bekijken op de grote schermen.

Normaal was leuk. En goed. En gewoon vet leuk. En we kropen langzaam tussen de mensen door steeds verder naar voren. En toen ging ‘t regenen (of ja, heel hard druppelen). En d’r werd met bier gegooid, maar dat hadden we wel verwacht natuurlijk. Swingende zingende feestende opa’s die betere muziek maken dan de meeste zooi die je op de radio hoort.

Waylon was wel goed hoor. Jawel. Als hij nou wat minder met z’n achtergrondzangeresjes bezig was en meer met ‘t publiek was hij nog beter. En als die achtergrondzangeresjes niet even willen doen alsof het om hen draait was ‘t nóg beter. Maar Waylon kan lekker zingen en we stonden ook nog eens helemaal vooraan, dus ik had niet zo gek veel te klagen. Behalve mijn hoofdpijn, waar ik tijdens zijn optreden toch wel errug last van had.

De muntjes waren schreeuwend duur (2,50 euri), dus vonden wij ‘t wel slim om even naar het station te lopen en daar wat te eten. Jammer dat ze daar de prijzen ook maar omhoog hadden gegooid (stelletje afzetters). Verder heeft mijn vriend een vette armband (kuch) gekregen omdat hij bij de kinderweide ging staan helpen/kijken/ofzo, was ‘t in de binnenstad van Zwolle ook heul gezellig, raakten we de weg kwijt, kregen we een lampje van mijn geliefde school, bleef ‘t de rest van de dag droog (in tegenstelling tot andere plaatsen met bevrijdingsfestivals, hehe) en heb ik foto’s en filmpjes gemaakt die ik niet kan uploaden (@#$%^&)(behalve die van Erwin Nyhoff dus, blijkbaar). Het was een geslaagd dagje. En mijn hoofdpijn was toen ik thuis was ook over. Lekker op tijd.

Iedereen deed ‘t


Ik heb geen foto’s gemaakt, dat vond ik niet nodig. Maar hieraan had het kunnen gebeuren.

Het was me beloofd dat het de moeite waard was. Velen, vélen gingen me al voor. En ze maakten foto’s. Die foto’s doken al overal op: iedereen doet ‘t. Iedereen heeft het tenminste één keer gedaan. En als je dat eenmaal gedaan hebt, wil je méér. Dat wekt nieuwsgierigheid, dat snap je natuurlijk wel. Dus was het logisch dat ook ik het eens ging proberen.

Dus daar stonden we. Ik ging doen wat hij ook deed; dat leek me het veiligst. Hij had ervaring, dus wist precies wat hij het lekkerst vond. Ik zou geen spijt krijgen, werd er gezegd..

We hoefden niet lang te wachten; het was vrij rustig. Ik vertelde mijn naam – mijn voornaam, want ik wilde zo veel mogelijk anoniem blijven – en keek zenuwachtig om me heen. Ik kende de plek niet, ik wist niet wat ik er van kon verwachten. Deed ik er wel goed aan? Kon ik nog terug? En moest ik net als iedereen foto’s maken?

Daar werd m’n naam omgeroepen. Ik reageerde direct. En ik probeerde het..

En ze hadden gelijk. Ondanks dat ze m’n naam verkeerd schreven, was mijn eerste Starbucks drankje, frappuccino caramel, ontzettend lekker.

Ga eens lekker stomen joh

Toen ik op een regenachtige vrijdagmiddag om één uur (13.00, dus) wakker werd na een nacht draaien, kuchen en woelen, mét een hoofdpijn waar je u tegen zegt, besefte ik dat ik ziek was. En dat ik een flink aantal uren te laat was en dus school had gemist, dat ook.

Maar goed, ziek dus. Niet ik-ga-dood-ziek (hoewel ik me wel zo voel natuurlijk), maar erg lekker was ik niet. Dús toen ik de volgende dag (da’s vandaag, hiephoi) nog steeds liep te snotteren, kuchen en snuiven, besloot ik eens ouderwets boven een bakkie stoom te hangen. Want da’s goed voor je, stomen. Zeggen ze. Ik vond ‘t niet zo leuk. Ten eerste is stomend water dus HEET. Het scheelt dat je je gezicht er niet letterlijk in moet dompelen, maar erboven hangen is ook al geen pretje. Goed, mijn ervaring met stomen.

1. Hou je ogen dicht, want stoom is WAAAARM. HEEL WAAAAARM.
2. Adem niet in, vooral niet door je mond. De stoom is dus WAAAAARM.
3. Niet uitademen. Dat jaagt de stoom alleen maar omhoog en dus krijg je een plens WAAAAARME stoom in je gezicht. Niet fijn.
4. Niet hoesten, zie punt 3. Ik kan je vertellen dat wanneer je verkouden bent, dat ‘niet hoesten’ nog een hele opgave is.
5. Niet meezingen met de radio, hoe leuk het liedje ook is dat ze op 3Fm draaien. Zie punt 3.
6. Zorg dat je af en toe wat lucht schept door de handdoek te wapperen (of zie maar hoe je ‘t doet, probeer gewoon niet te stikken).
7. Het feit dat ik je als tip 6 meegeef om vooral niet te stikken zegt veel over de gevaren van het stomen, lijkt me.

Het is gewoon een flink potje benauwd, daar onder zo’n doek. Ik kan me goed voorstellen dat menig mens aan zo’n stoombad is bezweken. Ik ben d’r ook niet veel beter van geworden, aangezien ik nog steeds snuivend dit stukkie aan ‘t typen ben. En het is ook niet zo dat mijn gezicht ineens lekker zacht en koediekoedie aanvoelt, helaas.

En lekker bjoetieverantwoord heb ik meteen zo’n neusstrip op mn neus (duh) geplakt, want daarmee trek je je poriën leeg. Ja, right. Ik kocht zo’n superdupergoedkoop pakje bij de Action en dit is de vierde keer dat ik probeer m’n poriën leeg te zuigen (yugh) en het WIL. GEWOON. NIET. WERKEN. Maar blijkbaar werkt ‘t wel nadat je je hoofd hebt gestoomd. Omdat ik nu toch met zo’n pleister op m’n neus loop (nu lijk ik wél ik-ga-dood-ziek) ga ik je zo meteen even vertellen hoe dat afliep. Nee ik laat geen foto zien van hoe mooi zo’n pleister op mijn neus eruit ziet, dat fantaseer je er zelf maar bij.

Ik volg de tips van Mascha (beatygloss dus), die zegt dat je alles zeiknat moet maken. Prima. Dat ging de vorige drie keer dus fout, maar nu heb ik gestoomd dus nu gaat vast alles goed. Dus ik sta voor de spiegel. Dus ik trek die neusstrip eraf.. Dus ik zie niet zo veel. Wat ongeveer zegt dat ik ‘t weer fout deed, of m’n poriën zijn gewoon superschoon. Ja, right.

Oh, ps. Je warme melk met honing (lekker ik-ga-dood-ziek-verantwoord) niet te lang laten staan, dan komt er zo’n yukkie velletje op. Guess what ik dus net heb gedaan.

Ob-La-Di, Ob-La-Da in a Yellow Submarine

Gooi wat Beatles-titels bij elkaar en dan is dit het resultaat.

Michelle, I saw her standing there. She loves you. Girl can’t buy me love, your mother should know all you need is love. No reply till there was you.

Help, I don’t want to spoil the party. Please mister postman, ask my why I’ll get you. Wait, I need you.

You won’t see me, it’s only love and I love her. Girl, I want to hold your hand eight days a week.

Yesterday drive my car for no one. Money, that’s what I want, yes it is.

Hey jude, lady Madonna got to get you into my life with a little help from my friends. You can’t do that, Oh darling, get back, don’t let me down.

Julia, do you want to know a secret? I’m the walrus.